Carpaal tunnel syndroom

Carpaal tunnel syndroom

Carpaal tunnel syndroom wordt veroorzaakt door een inklemming van de handwortel zenuw of nervus medianus ter hoogte van de carpaal tunnel. De carpale tunnel of het handwortel kanaal wordt in de bodem omgeven door de handbeentjes en aan de bovenzijde overspannen door het transvers carpale ligament.  Het is een zeer frequente aandoening en komt voor bij ongeveer 5% van de populatie.

Presentatie  Dr. Cromheecke(de medische kring): https://www.mariamiddelares.be/public/Endoscopische-carpaal-tunnel-dr.-Michiel-Cromheecke.pdf

 

Zie hier voor de postoperatieve richtlijnen.

Symptomen

Wanneer deze zenuw wordt samengedrukt, veroorzaakt dit gevoelloosheid, tintelingen en zwakte in de hand en arm.

Tintelingen of gevoelloosheid:

U kunt tintelingen en gevoelloosheid in de vingers of hand opmerken. Meestal zijn deze tintelingen voelbaar in de wijsvinger, middelvinger of ringvinger en duim. Maar typisch niet de pink. Doch er kan veel variatie optreden.

(Nachtelijke) Pijn:

Bij sommige mensen presenteert carpaal tunnel zijn vooral als een pijn en kram in de hand en onderarm. Het voorkomen van nachtelijke pijn waarvan je wakker wordt is zeer typisch voor het carpaal tunnel syndroom.

Veel mensen “schudden” hun handen om hun symptomen te verlichten. Het verdoofde gevoel kan in de loop van de tijd constant worden.

Zwakte gevoel en onhandigheid:

U kunt zwakte in de hand ervaren en voorwerpen laten vallen. Dit kan te wijten zijn aan de gevoelloosheid in de hand of zwakte van de knijpspieren van de duim. Sommige mensen hebben moeite met het dichtknopen van voorbeeld knopjes.

Diagnose

De diagnose wordt gesteld door uw arts door het combineren van klinische testen en uitlokkingstesten.
De diagnose kan bevestigd worden met een EMG onderzoek of geleidingsonderzoek, doch houdt er rekening mee dat tot 20% van de EMG onderzoeken vals negatief kunnen zijn.
Bij twijfel kan er gebruik gemaakt worden van gespecialiseerde Echografie, waarmee de insnoering van de zenuw gezien kan worden.

Conservatieve behandelingen

Conservatieve behandelingen bestaan uit het aanpassen van de houding en ergonomie van de pols. Door niet meer te slapen met een geplooide pols, is er snachts minder afknelling van de zenuw. Dit kan eventueel door het dragen van een nachtelijke brace of spalk.

Hiernaast kunnen zenuw glijdings-oefeningen uitgevoerd worden.

Een infiltratie met cortisone is meestal zeer efficiënt bij een mild carpaal tunnel syndroom. Op lange termijn keren de symptomen echter vaak terug. Deze infiltratie ontzwelt de slijmvliezen in de carpale tunnel, waardoor de zenuw terug meer ruimte krijgt. Het gebruik van cortisone wordt wel tegen-geadviseerd bij sommige patiëntengroepen, zoals patiënten met diabetes.

Als deze behandelingen onvoldoende effect hebben of bij reeds ernstige carpaal tunnel syndromen is een operatieve behandeling aangewezen. Langdurige inklemming van de zenuw leidt immers tot onomkeerbare zenuwschade (axonale degeneratie) en blijvend kracht – of gevoelsverlies.

Er worden twee operatieve technieken aangeboden binnen ons team. Beide ingrepen worden aangeboden in dagopname onder lokale of regionale verdoving. Na de ingreep kan je onmiddellijk je hand bewegen en mag je vrij snel terug naar huis. Indien je een algemene narcose wil, dan is dit mogelijk, maar het verlengt wel de opnameduur gedurende de dag.

Endoscopische carpaal tunnel release (kijkoperatie)

Hierbij wordt een klein gaatje gemaakt in de huid van een polsplooi en wordt nadien het transvers carpale ligament van binnen uit geopend met een endoscopisch mesje. Dit gebeurt onder het zicht van een camera.

De huid dient niet gesloten te worden met een draadje en geneest spontaan na enkele dagen.

Het voordeel is een zeer snel herstel. Na de operatie mag je de hand onmiddelijk bewegen.

Endoscopische carpaal tunnel operatie – video met uitleg

Deze techniek wordt frequent gebruikt en is veilig. Belangrijke complicaties van deze techniek (0.2%) en de klassieke techniek zijn zeldzaam. De voordelen van een endoscopische techniek zijn een snellere revalidatie, minder litteken gevoeligheid en een spontaan genezend litteken, alsook een snellere mogelijke terugkeer naar de dagelijkse activiteiten.
Echter komt niet iedereen in aanmerking voor een endoscopische techniek. Dit kan je bespreken met je arts.

Wondje na drie dagen

Open carpaal tunnel release (klassieke ingreep)

Hierbij wordt een insnede gemaakt in de handpalm (ongeveer 3 a 4 cm) bovenliggend aan het afknellende transvers carpale ligament. Dit ligament wordt zorgvuldig geopend en de nervus medianus is niet langer afgekneld.
Nadien wordt de huid gesloten met enkele hechtingen en wordt een handverband aangelegd.

Na de operatie mag je de hand onmiddelijk bewegen.

Nazorg

Voor beide operaties wordt na de ingreep een handverband aangelegd. Dit verband kan na enkele dagen verwijderd worden. (meestal na 3-5 dagen). De vingers moeten na de operatie onmiddellijk volledig bewogen worden.

Bij beide ingrepen kan het wondje na enkele dagen bedekt worden met een eenvoudige pleister (type opsite of dergelijke).
– De wonde van de endoscopische release geneest spontaan na enkele dagen.
– Bij de open carpaal tunnel release dienen de hechtingen na 12-14 dagen verwijderd te worden.

Wij adviseren wel om gedurende 4 weken geen zware gewichten te heffen met de geopereerde hand, zeker niet met een gebogen pols. Ook trekken met de vingers wordt best vermeden.In principe kan de hand zeer snel weer gebruikt worden voor kleine taken. Echter kan de handpalm soms gevoelig blijven tot 3-4 maanden na de ingreep – en kan het ook zolang duren voor de kracht terug volledig terugkeert.

 

Potentiële risico’s:

  • Afknellend verband of Gips

Komt soms voor – Indien er teveel zwelling optreedt, en de vorige adviezen geen baat hebben, adviseren we om de windel te relaxeren bij het handverband of zelfs het handverband af te nemen.
Ook de windel bij een open gips kan gerelaxeerd worden.
Indien dit niet helpt, of onmogelijk is, kan je onmiddellijk terecht op onze dienst (09 246 73 00 ) (gipskamer) binnen de werkuren of op de dienst spoedgevallen (09 246 98 00).

  • Nabloedende wonde

Niet onfrequent, maar dit vormt meestal geen grote problemen. Het postoperatieve handverband dient om de nabloeding op te vangen. Gebruik ijsapplicatie – hoogstand en neem kortstondig onstekingsremmende medicatie (als er geen tegen – indicaties zijn hiervoor).

  • Infectie

Zeer zeldzaam, doch frequenter bij rokers en diabetici. Alarmeer uw arts of spoedgevallen dienst onmiddellijk bij significant toenemende pijn, koorts (>38.5°C), Een etterende wonde of toenemende en uitbreidende roodheid.

  • Letsels aan de zenuw

Zeer zeldzaam. 0.49% voor open techniek en 0.19% voor de endoscopische techniek.

  • Letsels aan nabij gelegen bloedvaten

Zeer zeldzaam

  • CRPS reactie

Zeldzaam en niet specifiek.

  • Een gevoelig litteken of handkussentje

frequenter, maar verdwijnt normaal spontaan na 3 tot 4 maand.