Gebroken pols / polsfractuur

Polsfractuur of gebroken pols

Een polsfractuur is een veelvoorkomende breuk in het gebied van de pols. Het kan worden veroorzaakt door een val, een klap of door overbelasting.

Meestal betreft het een breuk van het uiteinde van het spaakbeen (de radius), het uiteinde van de ellepijp (de ulna), of een combinatie.

Hoe wordt een polsfractuur behandeld?

Een polsfractuur kan op verschillende manieren worden behandeld, afhankelijk van de ernst van de fractuur. In sommige gevallen kan een gipsverband voldoende zijn om de fractuur te immobiliseren en te laten genezen. In andere gevallen kan een operatie nodig zijn om de breuk te repareren en de botstukken op de juiste manier te positioneren.

Een van de mentoren van dr. Cromheecke is ook de auteur van deze atlas over polsfracturen. (klik hier voor de link) 

Een polsfractuur kan zeer pijnlijk en beperkend zijn, maar met de juiste behandeling en zorg kunt u volledig herstellen.  Het is belangrijk om de instructies van uw arts op te volgen en geduld te hebben tijdens het herstelproces.

Dr. Cromheecke behandelt jaarlijks meer dan 100 patiënten met een gebroken pols.

Heeft u een gebroken pols en heeft u dringend een behandeling nodig, neem dan snel contact op met onze dienst. 

De symptomen van een polsfractuur kunnen variëren, afhankelijk van de ernst en locatie van de breuk. Hieronder staan enkele veelvoorkomende symptomen:

  1. Pijn – De meest voorkomende klacht bij een polsfractuur is pijn in de pols. De pijn kan variëren van mild tot ernstig en kan toenemen bij het bewegen van de pols.
  2. Zwelling – Een polsfractuur kan leiden tot zwelling en roodheid rondom de pols en kan ook het bewegen van de pols bemoeilijken.
  3. Verandering in de vorm van de pols – Een gebroken bot kan de vorm van de pols veranderen, waardoor deze er anders uitziet dan normaal. Dit kan bijvoorbeeld een deuk of bult op de pols zijn.
  4. Beperking in beweging – Een polsfractuur kan leiden tot een beperking in de beweging van de pols en hand, waardoor dagelijkse activiteiten zoals het vasthouden van een kopje of typen moeilijk kunnen worden.
  5. Gevoelloosheid of tintelingen – Als een botstuk de zenuwen in de pols beknelt, kunt u gevoelloosheid of tintelingen ervaren in de hand of vingers.

Als u denkt dat u een polsfractuur heeft, is het belangrijk om onmiddellijk medische hulp te zoeken. Een arts kan een diagnose stellen en de juiste behandeling voorschrijven om uw polsfractuur te behandelen.

Om een polsfractuur te diagnosticeren, zal uw arts een aantal stappen doorlopen. Hieronder staan enkele van de gebruikelijke methoden die worden gebruikt om een polsfractuur te diagnosticeren:

  1. Lichamelijk onderzoek – Uw arts zal uw pols en hand onderzoeken om te bepalen of er zwelling, roodheid, misvorming of gevoeligheid is.
  2. Beeldvormende tests – Er kunnen verschillende beeldvormende tests worden uitgevoerd om de diagnose te bevestigen en de ernst van de breuk te beoordelen, zoals een röntgenfoto. Bij complexe breuken wordt dit vaak aangevuld met een CT-scan.

De conservatieve behandeling van een polsfractuur houdt in dat de breuk wordt behandeld zonder chirurgische ingreep. De behandeling is afhankelijk van de ernst en locatie van de breuk, en kan bestaan uit een of meer van de volgende opties:

  1. Gipsverband of spalk – Een gipsverband of spalk wordt vaak gebruikt om de pols in een stabiele positie te houden en te helpen bij het genezingsproces. Het gipsverband of de spalk wordt vaak enkele weken gedragen en de patiënt moet het gebied rondom het verband of de spalk goed verzorgen.
  2. Medicijnen – Uw arts kan pijnstillers of ontstekingsremmende medicijnen voorschrijven om pijn en ontsteking te verminderen.
  3. Fysiotherapie – Na het verwijderen van het gipsverband of de spalk kan fysiotherapie helpen om de pols te versterken en de beweging te verbeteren.
  4. Rust – Het is belangrijk om de pols voldoende rust te geven om te genezen. Dit betekent dat u mogelijk activiteiten moet vermijden die de pols belasten, zoals zwaar tillen of sporten.
  5. Opvolgafspraken – Het is belangrijk om regelmatig opvolgafspraken te maken met uw arts om ervoor te zorgen dat de breuk goed geneest en om eventuele complicaties op te sporen.

De conservatieve behandeling van een polsfractuur kan over het algemeen effectief zijn, maar het genezingsproces kan enkele weken tot enkele maanden duren, afhankelijk van de ernst van de breuk. Het is belangrijk om de instructies van uw arts nauwgezet op te volgen om een volledig herstel te bevorderen.

De operatieve behandeling van een polsfractuur wordt overwogen wanneer de breuk te ernstig is om te worden behandeld met conservatieve methoden, of wanneer de fractuur niet goed geneest ondanks een adequate conservatieve behandeling.

  1. Fixatie van de fractuur – Tijdens de operatie wordt de breuk mooi op zijn plaats gezet en hierna met pinnetjes of een plaat en schroeven op zijn plaats gehouden. Dit helpt de gebroken botten te stabiliseren en bevordert een sneller herstel. Dr. Cromheecke verkiest meestal een behandeling met plaat en schroefjes, gezien hiermee een anatomisch herstel bekomen kan worden.
  2. Arthroscopie – In sommige gevallen kan de operatie worden uitgevoerd met behulp van arthroscopie. Dit is een chirurgische techniek waarbij een kleine camera en instrumenten via kleine incisies in de huid worden ingebracht om de breuk te herstellen.

Na de operatie wordt een aantal weken gips voorzien. De vingers moeten onmiddelijk goed bewogen worden. Afhankelijk van de ernst van de fractuur en de kwaliteit en sterkte van het bot varieert dit van ongeveer 4 tot 6 weken.

Herstel van de polsfractuur

Nazorg

Na de operatie wordt een aantal weken gips voorzien. De vingers moeten onmiddelijk goed bewogen worden. Afhankelijk van de ernst van de fractuur en de kwaliteit en sterkte van het bot varieert dit van ongeveer 4 tot 6 weken.

Hierna kan de gips verwijderd worden en kan u starten met bewegen.
Let er op dat het soms 3 maanden duurt voordat de mobiliteit volledig terugkeert. Ook voor sporthervatting van impactsporten rekent u best op een 3-tal maand.

Potentiële problemen:

  • Zwelling

Te verwachten – De eerste dagen na de ingreep wordt gevraagd om de hand hoog te houden. Dit om het opzwellen van de vingers te vermijden. Ook het bewegen van de vingers heeft een ontzwellend effect (pompmechanisme). Hiernaast kan ijs geappliceerd worden in periodes van 20 minuten. Ontstekingsremmers hebben een ontzwellend effect (vb Brufen/diclofenac), maar mogen enkel genomen worden na advies van je arts en bij afwezigheid van contra-indicaties (vb. Maagzweer, nierfalen, etc).

  • Afknellende Gips

Kan voorkomen – Indien er teveel zwelling optreedt, en de vorige adviezen geen baat hebben, adviseren we om de windel te relaxeren bij het handverband of zelfs het handverband af te nemen.
Ook de windel bij een open gips kan gerelaxeerd worden.
Indien dit niet helpt, of onmogelijk is, kan je onmiddellijk terecht op onze dienst (09 246 73 00 ) (gipskamer) binnen de werkuren of op de dienst spoedgevallen (09 246 98 00).

  • Nabloedende wonde

Zeldzaam, maar dit vormt meestal geen grote problemen. Het postoperatieve handverband dient om de nabloeding op te vangen. Gebruik ijsapplicatie – hoogstand en neem kortstondig onstekingsremmende medicatie (als er geen tegen – indicaties zijn hiervoor).

  • Infectie

Zeldzaam, doch frequenter bij rokers en diabetici. Alarmeer uw arts of spoedgevallen dienst onmiddellijk bij significant toenemende pijn, koorts (>38.5°C), Een etterende wonde of toenemende en uitbreidende roodheid.

  • Letsels aan nabij gelegen zenuwen – Zeer zeldzaam bij deze ingreep

Soms treedt er tijdelijk gevoelsverlies op door spanning van het verband of zwelling. Leg het hand hoger, relaxeer de windel van het verband, appliqueer ijs of neem contact op met onze dienst wanneer u zich zorgen maakt.

Let op: Na een lokale verdoving kan de hand of arm tot 24 uur verdoofd zijn!

  • Letsels aan nabij gelegen bloedvaten – zeldzaam bij deze ingreep
  • CRPS reactie of algodystrofieZeldzaam en niet specifiek.
  • Een gevoelig of hard litteken

Dit treedt soms op en is ook een stuk afhankelijk van de genetische aanleg van de patiënt. De natuurlijke evolutie van een litteken aan de hand is om zachter te worden na een viertal maanden. Geduld is dus belangrijk.

  • Tips (enkel te starten na wondheling!):
    • Masseer het litteken na genezing vaak in, om het los te maken.
    • Bedek het litteken met silicone (vb Mepitac tape).
    • Gebruik hydraterende crèmes
    • Bescherm uw litteken voor de zon